Het Osbroek

Op wandelafstand van het centrum van Aalst ligt het Stadspark met aansluitend het Osbroek, een natuurgebied van circa 60 hectare groot; iets meer dan 40 hectare is eigendom van de stad en 20 hectare is eigendom van de afdeling Natuur. Ldsc090302osb
Het Osbroek is een grote komvormige depressie van 7 tot 8 meter boven de zeespiegel, die omringd wordt door hoger gelegen terreinen, die in het zuiden tot 24 meter hoogte bereiken. Het was oorspronkelijk een moerasbos dat in de loop der eeuwen gedeeltelijk omgevormd werd tot weiden en hooilanden. In de achttiende eeuw is er kleinschalig turf ontgonnen.
Een ingrijpende wijziging in het landschap was de aanleg van het stadspark in 1915-1916. Tussen 1920 en 1977 werd het noordelijk deel opgevuld met puin, huisvuil en vliegas. Waar het oorspronkelijk reliëf behouden bleef zijn ook veranderingen aangebracht door de aanleg van grachten en paden en door de aanplanting van bomen.
In 1977 werd een groot deel van het Osbroek beschermd als landschap. De stad kocht het grootste deel van het Osboekbos aan. Sinds februari 2000 is dit natuurgebied aangewezen als Vlaams natuurreservaat.
Een natuurinrichtingsprojet "Osbroek-Gerstjens" is in voorbereiding. De nadruk zal vooral liggen op recreatief medegebruik met wandelpaden en infoborden.

De erg natte gronden van het Osbroek zijn vroeger beplant met Canadapopulieren. Langs de Canalaan, de hoofas doorheen het gebied en op een aantal plaatsen langs de paden aan de buitenrand staan verschillende indrukwekkende exemplaren met een stamomtrek van meer dan twee meter. Lds110303osb
Sommige zijn tot in de kruin begroeid met klimop, wat maakt dat er, mede door hun hoge leeftijd, een aantal gesneuveld zijn tijdens de zware stormen van afgelopen jaren. Het dode hout blijft liggen, en vormt een ideale groeiplaats voor zwammen, mossen en varens. Het uitermate natte karakter van het gebied maakt dat, waar open plekken ontstaan, er spontane evolutie is naar elzenbroek.
Voor wat betreft het beheer wordt er voor een groot deel van het bos geopteerd voor "niets doen". De laaggelegen en bijgevolg vochtige tot natte graslanden worden gemaaid. In de hoger gelegen graslanden is een begrazingsraster geplaatst. Begrazing door grote grazers, in dit geval Konickpaarden en Gallowayrunderen, zorgt voor behoud van structuurvariatie in het landschap.
Door de afwiisselende biotopen heeft het gebied een rijke fauna en flora, wat het wandelen aangenaam maakt in elke tijd van het jaar.

terug